Soeprecept: Ribollita!

Stiekem houden wij wel van de boerenkeuken. En dan is Ribollita, een Toscaanse Groente- en Broodsoep, helemaal goed! Er zijn denk ik wel 10000 manieren om Ribollita te maken, onderstaand het recept dat wij zelf het lekkerst vinden. In een ‘klassieke’ Ribollita moet je Cavolo Nero gebruiken, maar dat vinden wij dus niet lekker, wij gebruiken verse spinazie. In bijna alle recepten vind je prei op de ingrediëntenlijst, omdat wij dat (alweer) niet echt lekker vinden gebruiken wij courgette. En als laatste: vaak wordt als smaakmaker tijm gebruikt, maar wij gebruiken oregano omdat… Hahaha, ik ga het niet nog een keer zeggen!

Onderstaand de ingrediëntenlijst voor een Soepkantine Ribollita:

 

1 witte ui

2 stengels bleekselderij

2 wortels

Halve courgette

2 tenen knoflook

150 gram spinazie of cavolo nero

1 klein blik tomatenblokjes

1 klein blik cannelini bonen

4 plakken oud witbrood

2 liter groentebouillon

Oregano

Zout&peper

 

Snij alle groente en de knoflook grof, en bak deze even in een scheutje olijfolie. Voeg 2 liter groentebouillon en een blik tomatenblokjes toe, breng aan de kook en laat minimaal drie kwartier rustig pruttelen. 

Voeg na drie kwartier de cannelinibonen (inclusief vocht) en twee theelepels oregano toe en laat rustig verder pruttelen.

 Wanneer je het brood toevoegt is afhankelijk van hoe je de soep wilt. Als je het wilt gebruiken als bindmiddel, snij dan het oude brood heel klein en laat van begin af aan mee pruttelen. Het brood lost als het ware op in de bouillon en bindt zo de soep.

Als je wilt dat het brood meer structuur houdt, rooster dit dan eerst, snij in dobbelsteentjes en voeg tegen het einde van de kooktijd toe, zeg een kwartiertje mee pruttelen. 

Maak op smaak met oregano, zout en peper.

Voor deze soep kun je alle soorten witbrood gebruiken. Als we kiezen voor de variant waarbij het brood structuur houdt, gebruiken wij liefst een stevig witbrood met een wat harde korst, bijvoorbeeld een batard. Met dit brood houd je echt stukken met bouillon volgezogen brood in de soep. De rest van de batard kun je roosteren en bij de soep serveren. 

Deze soep is op z’n lekkerst een dag na het koken. De smaken zijn goed door de hele soep getrokken, en het brood heeft de soep licht gebonden. Let op: breng de soep niet nogmaals aan de kook, hierdoor kook je het brood binnen de kortste keren kapot!